Op
30 Maart 1912 stierf Karl May in Radebeul bij Dresden in "Villa Shatterhand".
Sedert honderd jaar is hij één van de meest gelezen schrijvers
van Duitsland. Veel van de door hem gecreëerde fantasie-figuren - Winnetou
en Old Shatterhand, Kara Ben Nemsi en Hadschi Halef Omar - hebben zo'n grote
nationale populariteit verworven, dat de meeste Duitstalige lezers al sinds hun
jeugd met hen vertrouwd zijn geraakt.
Zijn
omvangrijk oeuvre bracht hij tot stand ondanks een moeilijke en bewogen
levensgang. Karl May werd geboren op 25 Februari 1842, als vijfde kind van een
uiterst armoedig weversgezin van veertien kinderen, te Ernstthal (later
Hohenstein-Ernstthal), gelegen in het Saksische Ertsgebergte in Duitsland. Hij
werd onderwijzer op een lagere school maar verloor als negentienjarige al na
enkele weken zijn aanstelling vanwege een onbeduidend misstapje. Door deze
misère, zijn aangeboren koppigheid en zijn geestelijke gesteldheid
raakte hij op een hellend vlak, waarbij zijn overrijke fantasie en zijn
gekwetste geldingsdrang hem dreven tot herhaalde oplichterspractijken, die hij
naar eigen zeggen pleegde ter compensatie van het hem berokkende psychische
leed. Vanwege deze practijken moest hij bij elkaar geteld zo'n acht jaar
gevangenisstraf uitzitten. Na zijn vrijlating (1874) wijdde hij zich aan het
beroep van auteur. In de aanvang schreef hij vooral streeknovellen en anonieme
colportageromans. Met zijn 'reisavonturen', die vanaf 1892 in boekvorm
verschenen, slaagde hij erin als schrijver door te breken.
May
beschrijft, veelal in de 'ik'vorm, de avontuurlijke belevenissen van zijn
helden in exotische landen, vooral in het 'Wilde Westen' van de Verenigde
Staten en in de Oriënt. Hij slaagde erin deze fictieve verhalen zo
suggestief te brengen en de geografische en volkenkundige achtergronden zo
kleurrijk gestalte te geven, dat tot op heden steeds weer nieuwe generaties in
de ban geraken van zijn 'reisavonturen' zoals "Winnetou, het Opperhoofd der
Apachen", "De Llano Estacado", "De Duivelskop in het Rotsgebergte" en "Kara Ben
Nemsi, de Held uit het Avondland", en dit ondanks het feit dat de literaire
waarde van dit werk nog steeds betwist wordt.
De
humane tendens van zijn boeken, waarbij hij zich inzet voor onderdrukte
volkeren, zoals de Indianen en de Koerden, heeft tot resultaat dat de
"Shakespeare voor de jongens" zoals Ernst Bloch hem betitelt, steeds weer
actueel is en de sympathie weet te verwerven van ontelbare lezers. Na de
eeuwwisseling (1899/1900), raakte Karl May verstrikt in talrijke processen en
werd hij het slachtoffer van een hem vijandige pers. Door de openbaarmaking van
zijn jeugdzonden, de ongeauthoriseerde uitgave van zijn anonieme
colportageromans en aanvallen van literaire critici, raakte hij verstrikt in
een nimmer aflatende juridische strijd met betrekking tot auteursrechten,
negatieve waardering in literair opzicht en gekwetst persoonlijk eergevoel,
waardoor zijn gezondheid uiteindelijk ernstig werd geschaad. Ondanks dit alles
ontstond in deze tijd zijn late werk, dat niet meer op het vertellen van
reisavonturen berustte, maar dat met visionaire utopische verbeelding gestalte
gaf aan zijn vroeg-oecumenische ideeën over Christendom en over
wereldvrede. Boeken uit deze periode zijn "Und Friede auf Erden", "Im Reiche
des Silbernen Löwe", "Ardistan und Dschinnistan".
Op
22 Maart 1912, acht dagen voor zijn dood, hield Karl May in de Sofien-zaal in
Wenen voor 2000 mensen een bejubelde voordracht waarin hij zijn leven en zijn
werk verdedigde en de pacifistische leerstellingen van Bertha von Suttner
propageerde.
Deze
schreef in haar In Memoriam voor Karl May: " Wie de knappe oude Heer op die
22ste Maart ..., een volle twee uur heeft horen spreken...., enthousiasmerend
en strevend naar de toppen van geestelijke beleving, die moet het gevoel hebben
gehad: in de ziel van deze man brandt het vuur van goedheid.
(Deze
tekst verscheen ter gelegenheid van de uitgifte van een bijzondere postzegel
ter herdenking van de 75-jarige sterfdag van Karl May, door Prof.Dr. Dr.h.c.
Dr.h.c. Claus Roxin van de Universiteit van München; dag van uitgifte 12
Februari 1987.)
Bewerking:
J.C.Oosterbaan, Bilthoven.
Inhoud:
Karl
May
door Claus Roxin.
Hij is de schitterendste vertegenwoordiger van een soort literatuur die behoort tot de vertelkunst in zijn meest oorspronkelijke vorm. Men zou het "literatuur als vervulling van wensdromen" kunnen noemen. Hermann Hesse, 1919.
Een unieke prestatie die zonder twijfel verweven is met een geniale aanleg. Carl Zuckmayer, 1929.
Karl May is een van de beste Duitse vertellers, die ongetwijfeld zonder meer de allerbeste geweest zou zijn, wanneer hij niet toevalligerwijs zijn loopbaan begonnen was als een verwarde straatarme proletariër. Ernst Bloch, 1929.
Tot op heden de laatste grote mysticus van onze literatuur. Arno Schmidt, 1955.
Een beminnelijke verslaafde aan verre oorden, die door een onweerstaanbare aandrift vanuit Radebeul de wijde wereld in werd gedreven. Curd Jürgens. 1955.
Ik ben een geestdriftige Karl May adept. Johannes Mario Simmel, 1973.
Zo'n
natuurtalent wordt slechts eenmaal in de honderd jaar geboren. Erich Loest, 1975.
Wanneer
ik grote effecten waarneem ga ik er vanuit dat er belangrijke oorzaken waren.
Karl May is de schepper geweest van Winnetou en Old Shatterhand, van Hadschi Halef Omar en van vele andere figuren, die sedert onze jeugd in onze fantasie een plaatsje vinden. Karl May heeft echter ook andere boeken geschreven, boeken die gecamoufleerd waren in een Oriëntaals of Amerikaans jasje. Onder dit jasje verborgen zich de uitingen van zijn psyche en de beschrijving van zijn gecompliceerde leven.
Dit leven, dat jarenlang door legenden werd getekend, is ten langen leste in beslissende mate helder belicht geworden. Hiermede gelijke tred houdend hebben wij geleerd zijn boeken niet alleen te zien als avontuurlijke vertelsels, maar ook met hun dubbele bodem rekening te houden zodat de daarin versleutelde diepere bedoelingen aan het licht komen. Het arbeidsterrein van de Karl May Gesellschaft is het belichten van het wisselspel tussen werk en leven van de schrijver, van interpretatie en data-onderzoek, maar ook het ter beschikking stellen van nauwelijks toegankelijke literatuur.
Wij weten tegenwoordig wie achter de oriëntaalse namen in de roman "Naar het land van den Zilveren Leeuw" verschuilt zitten, wat nu precies de historische en geografische achtergrond van zijn werken is, hoe het gesteld was met de bronnen waaruit hij putte, welke diepere lagen van zijn persoonlijkheid schuil gingen in zijn romanfiguren en hoe deze in hun handelingen zijn levensloop weerspiegelden. In zijn "Dorfsgeschichten" vinden wij zijn "Heimat", zijn land van herkomst terug, in zijn helden en schurken herkennen we de "up and downs" van zijn levensloop. Wij weten nu ook meer over de krachtsinspanningen die hij moest verrichten om zich, na zijn tuchthuisperiode, in het normale leven staande te houden. Hoe hij na al deze misère uitgroeide van onbenullig redacteurtje van colportagetijdschriften tot begenadigd auteur. Tot op het hoogtepunt van zijn roem, bij het begin van de 19e eeuw, hij en zijn oeuvre bijna ten gronde werden gericht door een lastercampagne in de dagbladpers.
Toen in 1969 de Karl May Gesellschaft werd opgericht gold Karl May veelal, zowel bij het grote publiek als in wetenschappelijke kringen, als iemand met een twijfelachtige achtergrond, die als jeugdschrijver echter niet veel kwaad kon. Alleen al de enorme mate van zijn populariteit (Duitse totaaloplage 80.000.000 exemplaren in 1969), drukte hem in de hoek van de oppervlakkige veelschrijver.
De Karl May Gesellschaft, tegenwoordig met bijna 2000 leden uit meer dan twintig landen, een van de grootste literaire verenigingen in Duitsland, heeft een wezenlijk aandeel gehad in de ontdekking van de werkelijke auteur Karl May. Doch zij beperkt haar activiteiten niet tot wetenschappelijk onderzoek maar is evenzeer een vereniging van al diegenen die gefascineerd zijn door het oeuvre van Karl May en die wat meer over de fantast uit Saksen te weten willen komen zonder nu direct zelf in de pen te klimmen. De Karl May Gesellschaft is een ontmoetingsplaats voor Germanisten, juristen, huisvrouwen, kooplieden, schrijvers en scholieren. Maar altijd zijn het mensen die plezier vinden in het werk van hun auteur en dit plezier, en hun nieuwsgierigheid, met gelijkgestemden willen delen. Karl May is geen schrijver die zijn lezers onberoerd laat! De Karl May Gesellschaft appelleert niet aan de onverschilligen, maar zij wil ook geen cultus creëeren die leidt tot een soort overdreven verering.
Er is niets op tegen dat Karl May als inspiratiebron wordt gezien voor open lucht voorstellingen of dat zijn naam wordt gebruikt voor indianen-spelen, maar de Karl May Gesellschaft gaat het er meer om, vrij van vooroordeel, aande ene kant bezig te zijn met Karl May op een nuchtere, solide en wetenschappelijke manier, terwijl aan de andere kant de liefhebber en amateur aan zijn trekken komt. Hierbij dienen kritische zin en engagement ten opzichte van de weverszoon uit Saksen, die voor ons een andere wereld opende, hand in hand gaan. De Karl May Gesellschaft heeft in de eerste decennia van haar bestaan een omvangrijk "reprint" programma ontwikkeld en daarnaast een veelzijdig forum opgericht voor publicaties van uiteenlopende aspecten betreffende Karl May, variërend van zijn biografie tot en met de interpretatie van zijn werkmethodes.Het is voor een zeer belangrijke deel de verdienste van de Karl May Gesellschaft en haar leden, dat er inmiddels een aanzienlijke hoeveelheid secundaire literatuur is verschenen over Karl May en zijn werk. De Karl May Gesellschaft is er blij mee, dat haar werk en de omvang van haar ledental en daardoor het aantal geïnteresseerden, ook andere uitgevers ertoe heeft aangezet oude originele May-teksten en facsimile-uitgaven op de markt te brengen. Leden van de Karl May Gesellschaft hebben meegewerkt aan het "Karl May Handbuch" van de Kröner Verlag en aan de "Karl May-Figurenlexicon" van de Igel Verlag en aan meerdere publicaties over Karl May van diverse uitgevers.
Om de twee jaar vind er een bijeenkomst plaats, steeds op verschillende plaatsen, van de leden, elke vier jaar kiest de ledenbijeenkomst, conform de statuten, een nieuw bestuur. Het spreekt vanzelf, dat alle arbeid die voor de Karl May Gesellschaft wordt verricht, inclusief de bestuurswerkzaamheden, con amore geschied. Alle financiële bijdragen van de leden, giften en andere inkomsten van de Gesellschaft komen uitsluitend de literaire arbeid ten goede.
Het Jaarboek dat sinds 1970 verschijnt is fraai in linnen gebonden boek, met stofomslag en heeft een omvang van ca. 350 pagina's. Het bevat de belangrijkste resultaten op het onderzoeksgebied inzake Karl May. Op wetenschappelijk niveau, zonder esoterisch te worden, passeren alle facetten van het werk en het leven van Karl May de revue.
Naast essays en uitvoerige beschrijvingen van de literaire en historische achtergronden van zijn werk, bevat het Jaarboek documentatiemateriaal, briefwisselingen van May met tijdgenoten en tot op heden onbekende teksten van de schrijver in oertekst-uitvoering. Het sluit af met een literatuur bericht over belangrijke nieuwe werken en bericht over de interne gebeurtenissen van de Karl May Gesellschaft.
Daarin worden actuele onderzoeksresultaten in korte of langere vorm weergegeven, alsmede informatie die in het Jaarboek minder op zijn plaats zou zijn, maar die toch voor alle leden toegankelijk gemaakt moet worden.
Na iedere 10 nummers verschijnt een gedetailleerd register, waarin alle namen en begrippen worden weergegeven, die in de periode waarin deze 10 nummers uitkwamen werden gehanteerd.
De van tijd tot tijd gepubliceerde Bijzondere Uitgaven, de zgn. "Sonderhefte", behandelen omvangrijkere aparte thema's die naar hun aard niet geschikt zijn voor het Jaarboek, noch voor het K.M.G.mededelingenblad. Nummer 88 van deze "Sonderhefte" bevat een totaaloverzicht van schrijvers en een zakenregister betreffende de vooraf verschenen 75 nummers.
Practisch alle eerste publicaties in tijdschriften, waarvan de tekst vaak grondig afwijkt van de latere boekuitgaven, heeft de Karl May Gesellschaft in facsimile-druk opnieuw uitgegeven. Daarmee heeft de K.M.G. vaak werk van de auteur weer toegangkelijk gemaakt dat soms slechts met een enkel exemplaar nog behouden gebleven was. Daartoe kunnen romans gerekend worden zoals de eerste zes Fehsenfeld/Radebeul/ amberg delen ("Kara ben Nemsi, de Held uit het Avondland" en de vijf vervolgdelen), alsmede "Winnetou, het Opperhoofd der Apachen", "De Zonen der Mimbrenjo's" en "Old Shatterhand als Detective". Verder de diverse jeugdverhalen zoals b.v. "De Schat in het Zilvermeer", "De Petroleumkoning" en "De Pimpelpaarse Methusalem", alsmede "Das Buch der Liebe" dat slechts met één exemplaar, dat in privébezit was, de tand des tijds had weerstaan. In dit laatste geval werd dit ten doop gehouden, door middel van tekst en begeleidend commentaar, als ware het een onbekend Karl May boek.
Ook de roman in twee delen, "De wraak van den Khedive" en "De schat van den Maharadja", van het eerste deel daarvan bestond nog slecht één exemplaar in tijdschrift-vorm, kon door de K.M.G. kon worden opgespoord en werd in facsimile-druk uitgegeven.
Alle reprint-uitgaven bevatten uitgebreide interpretaties van de inhoud en biografische aanwijzingen ter verduidelijking, vaak zijn zij geïllustreerd en voorzien van register met betrekking tot latere Karl May uitgaven. Alle Jaarboeken, de mededelingen vanaf nummer 52, de meeste "Sonderhefte", enige titels van de "Materialien" alsmede van de Reprints zijn nog leverbaar. Prospecti met een inhoudsopgave van de Jaarboekenen een opgave van de overige nog leverbare titels, met de corresponderende prijzen, zijn voor leden van de Karl May Gesellschaft verkrijgbaar op het kantoor.
Toen Karl May, de fantasierijke schepper van ontelbare exotische reisverhalen en spannende avonturen met onsterfelijke figuren zoals Old Shatterhand en Winnetou Kara Ben Nemsi en Hadschi Halef Omar, op 30 Maart 1912, in zijn Villa "Shatterhand" in het tuindorp Radebeul, een voorstadje van het goedburgerlijke Dresden, voor altijd de ogen sloot, kon niemand vermoeden, dat hij, de zowel aanbeden als versmaadde auteur, een menmsenleeftijd later de naamgever zou zijn van vele culturele instituten en organisaties, die zich bezig houden met zijn leven, zijn werk en de uitwerking die dat werk op de samenleving heeft gehad.
Het begin en de voorlopers.
Na enkele vergeefse of na korte tijd mislukte pogingen, in de eerste helft van deze eeuw, waarin geprobeerd werd de vele aanhangers, vrienden en lezers van Karl May organisatorisch in een bond, club of vereniging samen te brengen - de laatste poging werd in 1944 door de Gestapo als "staatsfeindliche" activiteit verboden, latere pogingen werden vanaf 1949 in de toenmalige net ontstane D.D.R. om ideologische redenen de voet dwars gezet- werd het tamelijk stil rondom de fantasierijke Saksische verteller. Daaraan heeft ook Heinz Stolte's eerste dissertatie (in 1936) over Karl May niets kunnen veranderen. Ook het commerciële succes van de millioenen-oplagen van de boeken van de Karl May Verlag, de spectaculaire voorstellingen in de open lucht, en de succesrijke verfilmingen, (die de roem vestigden van de filmacteur Pierre Brice in de rol van Winntou), konden niet verhullen dat het nog altijd schortte aan serieuze wetenschappelijke aandacht voor Karl May en dat het literaire gedeelte van zijn werk nog altijd was onderbelicht. In tegendeel, de Karl May rage versterkte slechts de in tientallen jaren gecreëerde clichee-gedachten, een hutspot van halve waarheden, vooroordelen, en geruchten, hetgeen niet zelden voor diverse media, gemakshalve en vaak tegen beter weten in, goedkope publiciteit opleverden.
Min of meer in het verborgene probeerden daarom, vanaf 1963, een handjevol geëngageerde Karl May-vrienden en -onderzoekers deze trend te keren en het geïnteresseerde deel van de publieke opinie een met objectieve maatstaven gemeten beeld van Karl May over te dragen. Deze activiteiten, waarvan de Hamburgse koopman Alfred Schneider (1905-1987) de initiator en de motor was, voerden via "Die Arbeitsgemeinschaft Karl-May-Biographie" uiteindelijk tot een schone voleinding: de "Karl May Gesellschaft".
Op 22 Maart 1969, precies 57 jaar na de beroemde voordracht van Karl May in Wenen over de wereldvrede ("Empor ins Reich der Edelmenschen'), werd in de Wintertuin van het Casinobedriijf in Hannover, waar men op verzoek van Alfred Schneider bijeen was, de Karl May Gesellschaft opgericht. Van de veertien aanwezigen stemden er elf in met het stichtingsbesluit, deze stelden de statuten op en kozen een bestuur. Nog vijf andere personen hadden zich schriftelijk voor de oprichting uitgesproken en zich bij voorbaat als lid opgegeven.
De wat overmoedige oprichters van de KMG, waaronderzich één dame bevond (vrouwen waagden zich pas later in grotere getale in de door mannen gedomineerde Karl May wereld), hadden in de verenigingsstatuten drie grote doeleinden op zich genomen.
De KMG zou het literaire werk van het werk van Karl May toegankelijk moeten maken en voor het nageslacht bewaren, zijn leven en werken zorgvuldig nagaan en volledig documenteren, en voor de auteur de hem toekomende plaats in de literatuurgeschiedenis bewerkstelligen.
Inmiddels zijn dertig jaren verlopen vol activiteiten en onderzoek, waarvan bovenal de sinds 1970 verschijnende Jaarboeken de bekroning vormen. Het zijn als het ware de annalen van de Karl May Gesellschaft (Hamburg resp. Husum: Hansa Verlag, 1970 e.v.) en leggen een wonderbaarlijk en door velen opgemerkt getuigenis af van de vervulling van de zelfgestelde opgaven.
De Karl May Gesellschaft is een geregistreerde vereniging tot algemeen nut, in het bijzonder ter bevordering van wetenschap en cultuur. De vereniging telt bijna 2000 leden in 24 landen ter wereld. Sinds 1971 is de voorzitter Professor Dr. Dr.h.c.mult. Claus Roxin, professor aan de universiteit van München en internationaal gerenommeerd strafrechtgeleerde. In het najaar van 1999 heeft hij na 28 jaar het voorzitterschap overgedragen aan Professor Dr. Reinhold Wolff.
Naast de Karl May Gesellschaft zijn er nog enkele met elkaar bevriende en samenwerkende orgnisaties die de naam van de schrijver dragen en die het tot hun plicht rekenen om zijn aandenken en zijn werk uit te dragen.
In Hohenstein-Ernstthal bevind zich het, onder toezicht van Monumentenzorg staande geboortehuis van Karl May die op 25 Februari 1812 aldaar ter wereld kwam. In de muur van het ongeveer driehonderd jaar oude wevers-huis werd in 1929 een gedenksteen ingemetseld, ter herinnering aan de beroemdste zoon van de stad. Sinds 1985 is het huis een gedenkplaats alsmede een museum en valt onder de verantwoordelijkheid van het stadsbestuur. Het wordt geleid door de geschiedkundige André Neubert, die gesteund wordt door een adviserende wetenschappelijke commissie onder het voorzitterschap van Dr. Christian Heermann.
Het Karl May museum in Radebeul bestaat uit twee gedeelten: het volkenkundige Museum der Noord-Amerikaanse Indianen in het blokhuis "Villa Bärenfett", dat opgericht werd op initiatief van Patty Frank in 1928, en sinds 1985 een literair-biografische tentoonstelling in de Villa "Shatterhand". Daarin heeft Karl May vanaf 1895 gewoond en daar is hij op 30 Maart 1912 overleden. In 1995 konden de drie belangrijkste vertrekken van dit eveneens onder de Monumentenzorg vallende huis weer geheel volgens het origineel worden ingericht: de ontvangstsalon, ook wel de Sascha Schneider Kamer genoemd en gelegen op de benedenverdieping, alsmede de bibliotheek en de werkkamer van Karl May op de eerste etage. Enige maanden later werd op de waranda ook nog een Klara May kamer ingericht zodat nu alleen de slaapkamer van Karl May nog gestalte moet krijgen. Directeur van het Museum, dat onderhouden wordt door de Karl May Stichting, is Ir. René Wagner terwijl Ir. Hans Grunert verantwoordelijk is voor de Karl May verzameling van boeken, gebruiksvoorwerpen, afbeeldingen en (kunst)voorwerpen.
De Karl May Stichting in Radebeul werd in 1913 opgericht en komt voort uit het laatste testament van de schrijver die geen kinderen had en die zijn tweede vrouw Klara May, die leefde van 1864 tot 1944, tot universeel erfgename benoemde, onder de voorwaarde dat na haar dood de totale nalatenschap ("alles wat ik bezit, en wat mijn werk nog aan baten zal opleveren") aan een een Stichting met een goed doel ten goede zou komen. Deze Stichting had tot doel begaafde jonge mensen zonder geld financiëel bij te staan, alsmede noodlijdende schrijvers, redacteuren en journalisten te ondersteunen. Uit het vermogen van de Stichting werd in de loop van de tijd bij voorrang ook het Karl May Museum, dat eigendom van de Stichting is, en het familiegraf van het echtpaar May onderhouden en verzorgd. Na de vereniging van de twee Duitslanden in 1990 werd de Stichting door het wijzigen van de statuten en het huishoudelijk regelement, op een democratische grondslag opnieuw in het leven geroepen. De voorzitter van de Karl May Stichting is de Heer Peter Grubner, als zakelijk leider functioneert René Wagner. De F.D.P.-politicus Wolfgang Mischnick is president van het curatorium, dat als Raad van Toezicht het bestuur kiest en de werkzaamheden van de Stichting controleert.
De Karl May Verlag, sinds 1960 in Bamberg (tot 1945 in Radebeul) geeft sinds 1913, het jaar van zijn oprichting, de "Karl May Gesammelte Werke" uit. In de bekende groen/gouden verschijningsvorm en met de kleurrijke omslag werden tot op heden 79 titels uitgebracht. Ook heeft de Karl May Verlag een reprint van de 33 delen van de Freiburger Erstausgaben (1892-1912) van de F.E. Fehsenfeld Verlag uitgegeven, dit heeft de Verlag veel erkenning in de vakwereld bezorgd.
De enige eigenaar van de Karl May Verlag is Lothar Schmid, die binnen afzienbare tijd zal worden opgevolgd door zijn zoon Bernhard. De Karl May Verlag streeft ernaar een filiaal te openen in de oorspronkelijke vestigingsplaats Radebeul.
Sinds enige jaren en na twee wisselingen van de wacht wat uitgevers betreft, en een verandering in de redactie geeft Hermann Wiedenroth een historisch-kritische editie uit van het werk van Karl May, en wel in het uitgevershuis Bargfeld. De totale uitgave van honderd delen zit in de planning, en de opzet is zodanig dat aan alle eisen van de literair/wetenschappelijke kritiek zal worden voldaan.
In Bad Segeberg bevindt zich het archief van de Karl May Gesellschaft dat wordt bestuurd door Ekkehard Bartsch. Het bevat de complete verzameling van de boeken van Karl May en de secundaire literatuur, de diverse uitgaven in vreemde talen van de boeken en een omvangrijke verzameling relevante artikelen uit de gedrukte media. Ook films en geluidsbanden alsmede een omvangrijke verzameling fotomateriaal behoren tot de inhoud van het archief, maar daarnaast ook diverse curiosa van commerciële oorsprong.
De openlucht-theaterspelen hebben in Duitsland een lange traditie, die terug grijpt op de tijden van vòòr W.O.-II. Zij begonnen in 1938 in Rathen gelegen in het Saksische Schweiz en in Werder bij Potsdam in 1940. Na de tweede wereldoorlog werden ze gehouden in Bad Segeberg sinds 1952 in het Holsteinse Schweiz en in Elspe in Sauerland sinds 1958. Pierre Brice kon met zijn films enige jaren later hierbij aanhaken waardoor hij met zijn Winnetou rol een grote populariteit verwierf. Daarnaast werden en worden op diverse andere plaatsen nog regelmatig Karl May spelen- of wat men daarvoor houdt - opgevoerd, soms met een winstoogmerk. De markt wordt evenwel beheerst door drie participanten die sinds jaar en dag honderd duizenden toeschouwers trekken. Dit zijn:
* Het 'Freilichttheater Am Kalkberg' in Bad Segeberg, uitgevoerd door Kalkberg GmbH.
* De 'Naturbühne Elspe' in Lennestadt, uitgevoerd door Western Country GmbH.
* In 'Kurort Rathen' , uitgevoerd door Landesbühnen Sachsen.
Gedurende de laatste jaren zijn er rondom Karl May diverse spontane festiviteiten tot stand gekomen, die elk zijn eigen soort publiek trekken. De meest in het oog lopende activiteiten zijn Het Karl May Feest in Bad Segeberg, Radebeul of Berlijn die worden georganiseerd door het Karl May Archief, vervolgens de Karl May Feestdagen in Lösznitzgrund georganiseerd door het Stadsbestuur alsmede het vroegere Bergfeest, tegenwoordig Karl May Feest geheten in Hohenstein-Ernstthal ook georganisserd door het Stadsbestuur. Dan is er nog de Karl May ruiter-rit naar verschillende doelen in Duitsland, geinitieerd door Renate Kleucker alsmede tal van activiteiten vele plaatsen, zoals tentoonstellingen, lezingen voordrachten en noem maar op.
Tenslotte moeten nog de vriendenkringen, de verenigingen en de clubs genoemd worden waarin mensen met gelijke interessevelden ten aanzien van Karl May zich verenigd hebben. Zij houden zich bezig met de volgende thema's: b.v. Karl May's leven, zijn werk, de uitwerking van dit werk op de lezers, Amerikaen de Indianen, de oriënt en zijn bewoners, Karl May films en toneelstukken, filmacteurs en toneelspelers die rollen in Karl May stukken spelen, Karl May-strips, het verzamelen van Karl May spulletjes.
De bekendste van hen zijn De Karl May Vriendenkringen in Cottbus, Hoyerswerda,Leipzig en Radebeul, die voor in deel al in de tijd van de toenmalige D.D.R. werden opgericht. Er zijn ook fan-clubs van diverse toneelspelers die Karl May rollen speelden, zoals de Pierre Brice-fanclub en de Lex en Christopher Barker-fanclub. Van tijd tot tijd zijn er ook regionale bijeenkomsten van de Karl May Gesellschaft.
Enkele van deze verenigingen geven sommige regelmatig, sommige sporadisch een tijschriftje uit, waarvan "Karl May en Co.", redacteur Torsten Greis, het belangrijkste is. Ook organiseren zij evenementen en doen mee aan landelijke activiteiten.
De Karl May scene in Duitsland laat zich het best vergelijken met een veelkleurige mozaïek-figuur, waarin ieder steentje kleurrijk, glinsterend en belangrijk is, maar toch op zichzelf slechts een deelaspect van het totale beeld uitstraalt. Pas in de totale aanblik van het mozaïek herkent de toeschouwer de volheid, de veelzijdigheid en de rijkdom aan verschillende facetten van de Karl May Mythe waaraan de motieven en de drijfveren worden ontleend van een levenslange bemoeienis met de schrijver en de mens Karl May, wiens fascinerende geschiedenis tot op heden nog in de volle aandacht staat.
Wie lid wil worden van de Karl May Gesellschaft, en voor elke Karl May liefhebber is de EUR 26.-- die het lidmaatschap kost een uitstekende investering, kan zich opgeven bij Schatzmeister Uwe Richter, Rosenstraße 6, D-92272, Freudenberg. Telefoon OO49 9621/81836. Men ontvangt elk jaar het Jaarboek gratis bij lidmaatschap! Ik wist niet wat mij overkwam toen ik het eerste Jaarboek ontving en heb gespannen op de rekening zitten wachten, die maar niet kwam, het boek was gratis! Dat moet de gemiddelde Nederlandse verzamelaar/lezer toch aanspreken.